Bewonderenswaardig

Standard

De afgelopen dagen vertoefde ik weer even op de psychiatrische afdeling, waar ik wel eerder over schreef. Zoals te doen gebruikelijk, gaf ik zelf bij mijn hulpverleners aan dat een opname wenselijk was. Ze kennen me lang en goed genoeg om te weten dat als ik dat aangeef het ook inderdaad verstandig is. Theoretisch gezien had ik best nog langer thuis kunnen blijven, maar dan loop ik wel het risico in razendsnel tempo helemaal naar de bodem van de put te zakken, waardoor de weg terug omhoog langer en moeizamer wordt.

Nu was ik er op tijd bij. Dan heb ik aan een paar dagen opname genoeg. Ik slaap veel, ik schrijf veel, ik maak regelmatig een praatje met de dienstdoende verpleegkundige. Dat helpt.

Zo zat ik met de broeder die op de afdeling werkte en me al jaren kent in het rookhok een sigaretje te roken. Hij maakte me een groot compliment; ‘Dat ik het bewonderenswaardig goed doe’.

Het moet ook gezegd; vele jaren lang was ik om de twee maanden wel een periode opgenomen. Langzamerhand werden die periodes van opname korter. Ook mijn medicijngebruik neemt steeds meer af. En nu heb ik het zelfs voor elkaar gekregen meer dan vier maanden niet opgenomen te zijn geweest, terwijl juist de omstandigheden dusdanig waren dat een opname absoluut niet raar zou zijn geweest. Bewonderenswaardig, vinden ze dat dus.

Erik zei laatst tegen mij dat ik de laatste anderhalf jaar heel erg gegroeid ben. Maar in het tempo van mijn gestage groei, is niet veel veranderd ten opzichte van de jaren ervoor. Alleen was Erik toen nog niet mijn partner. Ik groei dus nog steeds en dat doe ik al tientallen jaren. Dat zegt dus ook wel iets over waar ik vandaan gekomen ben!

Doordat ik nu opgenomen was, had ik het gevoel dat ik Erik tekort deed. En ook zijn zoon met kersverse vriendin, die bij ons op de boot Valentijnsdag kwamen vieren. Maar Erik antwoordde daarop dat het gewoon prachtig was dat ik altijd aan mezelf wil werken, zelfs als dat betekent dat ik me even op moet laten nemen. Misschien wordt dat ook wel bedoeld met bewonderenswaardig.

Het is mooi, het doet goed om zo gewaardeerd te worden, om zulke mooie complimenten te krijgen. Het stimuleert me om op de ingeslagen weg verder te gaan en nog door te gaan met werken aan mezelf en daardoor groeien. Dan is het helemaal niet erg om een paar dagen opgenomen te zijn. Ik heb even mezelf gereset. Ik kan weer met frisse moed verder op het levenspad. Bewonderenswaardig, dat het zó voor mij werkt.

Dierenlantijntje; Ons voddenbaaltje deel 2

Standard

Alweer een poosje geleden, schreef ik een blog over het voddenbaaltje; de kat van (schoon)moeder, die er zo slecht aan toe was, dat wij – met de ziekte van ons moeder – de zorg voor hem op ons namen.

Inmiddels is het voddenbaaltje al aardig aan het herstellen, hij wordt een prachtige zwart-witte kater. Dankzij goed voer, veel aandacht en zorg hebben we het diertje de afgelopen tijd zien veranderen van een sloom dier naar een jonge, speelse, ontzettend lieve kat.

Zoals ik in de eerdere blog over hem schreef, was het natuurlijk wennen met onze andere huisdieren. Maar ook daarin zit een fantastische vooruitgang. Ons kleine poesje, Frommel, heeft ontdekt dat Rebbel – zoals we het voddenbaaltje noemen – best een leuk beest is, waarmee je kan ravotten. Dat heeft Rebbel haar zelf geleerd. Telkens als ons kleine meisje angstig blies of gromde, dook Rebbel op zijn rug, om te laten merken dat hij het echt niet kwaad bedoelde. Prachtige dierentaal, waar je je als mens helemaal niet mee moet bemoeien! Nu rennen ze achter elkaar aan, door de kamer, of duiken bovenop elkaar.

Ook met seniorkat Spetter en de twee honden verloopt de verstandhouding heel harmonieus.

Toen het moment dan ook kwam, dat manlief Erik aan mij vroeg of de kat van zijn moeder misschien mocht blijven, kon ik naar hartenlust ‘Ja’ zeggen. En zo hebben we er een gezinslid bijgekregen. Waar we veel van houden en waar we ook intens van genieten.

Natuurlijk hoopten we heel stiekem dat Erik’s moeder nog eens hier zou komen logeren en dat dan haar vorige huisdiertje gezellig bij haar zou kruipen. Maar helaas is die verwachting niet uitgekomen. Rebbel is de prachtige, levende herinnering aan mamma geworden. Dat schept een speciale band.

Zelf is hij zich daar niet van bewust. Hij heeft gewoon een nieuw thuis gekregen, met nieuwe baasjes en nieuwe vriendjes.’s Avonds kruipt hij spinnend tussen ons in op bed.

Het zit wel snor!